Er zullen nog vele Jordy’s volgen, minister Vandeurzen

PIN
Aan De Heer Jo Vandeurzen Vlaams Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin   Geachte heer de minister,   Jeugdzorg - jongere in noodMet ontzetting heb ik vorige week zonet als vele andere bezorgde Vlamingen het verhaal gelezen van Jordy. Als eenzame jongere die toch noodkreten uitstuurde overleed hij van ontbering in een tentje, recht onder onze ogen. Een slippertje door de mazen van het net.   Waar ik u nu voor schrijf, is om u te waarschuwen dat er nog Jordy’s zijn en zullen zijn. Ik ben, voor alle duidelijkheid, helemaal niet betrokken bij jeugdzorg noch professioneel actief in enige sector daaromtrent. Ik ben enkel een bezorgde vader en inwoner die reageert aan de hand van twee probleemgevallen, bijna-Jordy’s, die ik zelf van dichtbij meemaakte.

Op zoek in het kluwen

  Het eerste geval betreft een meisje uit een gebroken gezin uit onze mormoonse geloofsgemeenschap. Ze werd, naar mijn niet-professionele mening, niet fysisch maar wel psychisch mishandeld door haar moeder, resulterend in een uitermate laag zelfbeeld. Toen op een moment haar vriendje het ook uitmaakte, resulteerde dat in zelfmoord gedachten.   We hebben haar toen in de eerste plaats opgevangen binnen onze geloofsgemeenschap. Een bevriend koppel heeft haar een tijdje in huis genomen, maar ontdekte dat ze slaappillen van thuis had ontvreemd. De moeder werd ingelicht, maar in plaats van te kunnen rekenen op begrip, werd ze verstoten en mocht ze niet terug naar huis.   Uit vrees dat wij als niet-professionele hulpverleners te kort zouden schieten, besloten we hulp te zoeken. Amai, wat was dat een opdracht om onze weg te vinden in het enorme kluwen van jeugdzorg en bijstand in Vlaanderen. Bij tal van organisaties kregen we een vriendelijke “neen, dat valt niet binnen onze bevoegdheid”. Zelfs bij het meldpunt kindermishandeling vingen we bod omdat het geen fysische mishandeling betrof.   Op een moment zaten we blijkbaar min of meer juist, maar het probleem was dat haar officieel adres in een andere gebied van onze provincie was, dan waar ze momenteel verbleef. De ene wilde niet optreden omdat ze er niet officieel woonde, de andere kon niet omdat ze niet meer op hun grondgebied verbleef.   Misschien zit ik een beetje mis in de details: het is al weer een jaar geleden en in alle frustratie wilde we toch maar één ding zo snel mogelijk: hulp voor dat meisje. We hebben nog huisarts en politie ingeschakeld, en uiteindelijk een centrum voor noodopvang gevonden. We hebben dan nog even schrik gehad dat ze daar na een paar dagen op straat zou gezet worden omdat het “maar noodopvang” was, maar in die tijd werd er dan toch nog een oplossing gevonden.   Na maanden in de hulpverlening gaat het nu gelukkig terug beter met haar. Veel heeft het volgens mij niet gescheeld of ze was een Jordy geweest. Enkel het koppig volhouden van enkele bezorgde koppels hebben toen voor de doorbraak gezorgd. Ik ben er mijn vrienden eeuwig dankbaar voor dat zij hun gezin hebben opengesteld voor haar en ik bewonder mijn vrouw nog steeds voor de gesprekken die ze met haar gevoerd heeft.  

Waar kunnen we terecht?

  Het tweede geval gebeurt op dit moment onder onze ogen. Ik wou het verhaal hier neerschrijven, maar omdat het nog gaande is, zouden mensen uit onze buurt de betrokkenen herkennen en ik wil niemands privacy schenden.   Daarom hebben we de politie ingelicht, maar deze heeft ons laten weten weinig te kunnen doen omdat de moeder zelf niks heeft laten weten. Hij vraagt aan ons om een oogje in het zeil te houden.   Ook 1712, het nummer dat speciaal in het leven werd geroepen als meldpunt voor kindermishandeling, helpt ons niet voort. Enkel een vriendelijk mailtje, met het advies de school en het CLB te verwittigen.  

Hervorm de jeugdzorg, mijnheer de minister

  Eerlijk gezegd, mijnheer de minister, ik weet niet wat ik nu nog moet doen. Als zelfs de politie niet weet hoe te reageren, hoe moet ik als burger dan nog weten wat ik moet doen? Ik heb echt de moed verloren om weer tientallen telefoons te plegen, voor iets wat misschien een kinderfantasie is, maar evengoed een mishandeld kind is die enkel via zijn vrienden nog durft een noodkreet te slagen.   Als het u menens is om echte jeugdzorg te bieden, ontwar dan aub het kluwen van de jeugdzorg waar geen kat haar jongen nog in terug vindt. Iedere organisatie, hoe goedbedoeld ook, heeft zo’n beperkte doelstelling gekregen, dat een overkoepelende zorg over het individu bijna onmogelijk is geworden.   Als ik de brief lees van Patrick Blondé, die als professioneel hulpverlener het kluwen zoveel beter kent dan ik, dan krijg ik schrik. Schrik voor alle kinderen die het moeilijk hebben, voor alle Jordy’s die door alle mazen van het net glippen. Vergeet immers niet, mijnheer de minister, dat meer garen in een net niet altijd helpt.  

Ontdek meer van GeensZins

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Ontdek meer van GeensZins

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder