Waarom betalen we tiende en waar gaat dat geld naartoe? Als bisschop leg ik uit hoe onze kerk omgaat met geld, tempels en hulp aan mensen in nood.
Wat gebeurt er wanneer wetenschappers onderzoeken hoe leden van een geloofsgemeenschap leven? Verschillende Amerikaanse universiteiten en onderzoeksinstellingen hebben zich de afgelopen decennia over die vraag gebogen. Hun bevindingen over leden van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen zijn opmerkelijk. En ze vertellen ons iets belangrijkers dan hoe gelovig we zijn: wat geloof kan doen met een leven.
Een avond bij Alex Agnew bracht me onverwacht aan het denken over onze hemelse Vader. Wat gebeurt er wanneer God voor iemand van zijn voetstuk valt en die persoon zijn geloof verliest? Misschien betekent afstand nemen niet noodzakelijk dat we verder van God verwijderd raken. Misschien kunnen die ervaringen ons juist iets waardevols leren. Want Gods liefde verdwijnt nooit, ook niet wanneer wij Hem uit het oog verliezen. En misschien moeten wij als gelovigen minder proberen te overtuigen en...
De kerken lopen leeg, maar de vragen waarvoor mensen ooit naar de kerk gingen zijn gebleven: wat is een goed leven, hoe ga ik om met schuld, verlies en de dood, en wat mag ik hopen? Wetenschap verklaart hoe de wereld werkt, niet wat ik ermee moet doen. Die blijvende vragen kan je lezen als een menselijke uitvinding of als verwijzing naar een bron buiten onszelf. Ik kies voor het tweede, en leg uit waarom het antwoord van religie bij de vraag past, zonder te pretenderen dat ik het kan bewijzen.
Op de boekvoorstelling van 'Redelijk gelovig' in Sint-Niklaas vond vrijzinnig humanist Jurgen Slembrouck dat mijn boek te weinig argumenten bevat om iemand te overtuigen. Hij heeft gelijk, en dat was ook nooit de bedoeling. Ik wilde niemand overtuigen van mijn geloof, wel van iets anders: dat geloven niet hetzelfde is als stoppen met nadenken. Over een debat met Rik Torfs en Slembrouck, een hek op een klif, en waarom mensen anders gaan kijken zonder dat ze gelovig hoeven te worden.
Een nieuw UGent-onderzoek toont dat religieuze én uitgesproken areligieuze sollicitanten minder kans maken op een jobgesprek — niet omdat ze slechter beoordeeld worden, maar omdat recruiters vrezen dat collega's en klanten liever niet met hen samenwerken. Als ondernemer en bisschop herken ik dat patroon uit eigen ervaring, en pleit ik ervoor om religie eindelijk even ernstig te nemen als andere discriminatiegronden.
'Ik geloof wel in iets' klinkt onschuldig, maar is vooral comfortabel — een vaag universum stelt geen eisen, een persoonlijke God wel. We verwarren in Vlaanderen bovendien vaak 'wil ik nog iets met de kerk te maken hebben' met 'bestaat God', terwijl dat twee andere vragen zijn. 'Iets' is een prima beginpunt, zolang het geen eindpunt wordt waarachter je je verstopt om nooit door te vragen.
Kritiek op onze kerk verbaast me niet, en mag er ook zijn: keuzevrijheid werkt alleen als je ook de keuzes verdraagt die je zelf liever niet ziet. De grens ligt niet bij scherpte, maar bij wraak en moedwillige schade, zoals het Mormon Stories-verhaal laat zien. Als bisschop is mijn taak niet winnen of overtuigen, maar luisteren, want alleen zo komen mensen dichter bij Christus.
De Belgische waarschuwing op alcoholreclame verliest het woord 'misbruik', waarmee de overheid erkent dat er geen veilige ondergrens voor alcohol bestaat. Bijna tweehonderd jaar geleden ging het Woord van Wijsheid uit 1833 al verder dan de toenmalige matigheidsbewegingen door volledige onthouding te vragen. Dat maakt die openbaring geen medisch handboek, maar toont wel hoe een leefregel achteraf opvallend actueel kan blijken. Het leert ons vertrouwen te hebben in raad waarvan we de volledige...
Keert Gen Z massaal terug naar de kerk? De cijfers tonen van niet, maar er is wél iets anders aan de hand. Er is geen sprake van een massa-revival, maar van een herinterpretatie: de groep gelovige jongeren is kleiner, maar beleeft het geloof veel bewuster, individueler en zichtbaarder in de maatschappij. Dat maakt geloof stap voor stap weer een normaal onderwerp in het publieke gesprek.
Wetenschap zoekt feiten, geloof zoekt betekenis — maar ze kijken naar dezelfde werkelijkheid. Een oprechte zoektocht naar waarheid hoeft eerlijke vragen of een tweede experiment nooit te schromen. Want of het nu om een laboratorium of om een gebed gaat: de echte antwoorden vind je pas als je zelf op onderzoek uitgaat.
Iedereen is welkom bij Jezus, precies zoals hij is. Wie Hem volgt, wordt tegelijk uitgenodigd om verder te groeien. De vraag is daarom niet of je al ‘klaar’ bent, maar of je bereid bent om samen met Christus op weg te gaan. En wie al onderweg is, loopt best mee als trainingsmaatje, niet als toeschouwer.
Mensen gaan zelden om één reden weg. Vier patronen, plus een vijfde dichter bij huis: een onhandig woord dat nooit rechtgezet werd. Luisteren, begrijpen zonder akkoord te gaan, en hardop benoemen wat we verzwijgen, helpen meer dan beleid. Weggaan blijft meestal een eigen keuze — de onze is: nooit de reden zijn, wél de liefde die blijft.
Je hebt geen geloof nodig om een goed of gelukkig mens te zijn. Maar voor mij voegt geloof wel een extra dimensie toe: het geeft een helder kader om keuzes te maken, helpt om zelf betekenis te geven aan tegenslag, en biedt het perspectief dat dit leven een hoofdstuk is in een groter, doorlopend verhaal.
Een onbeantwoord gebed om genezing of verlossing betekent geen gebrek aan geloof of goddelijke onwil. Het echte mirakel is vaak niet dat een probleem of fysieke pijn verdwijnt, maar dat je de kracht en het inzicht krijgt om erin te blijven staan en verder te gaan. Geboden en tegenslagen zijn er niet om ons uit te filteren, maar om ons te vormen en te gidsen naar wie we kunnen worden.