Een tijdje geleden heeft de Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen een kleine, maar opvallende wijziging aangebracht in de introductie van het Boek van Mormon. Waar we vroeger vooral lazen over een ‘vertaling’, wordt nu met meer nadruk gesteld dat het boek ons gegeven werd door ‘openbaring’.
Wacht even, het was toch vertaald? Dat is de reactie die je nu links en rechts hoort. Critici en tegenstanders zien er direct complotten in. Volgens hen probeert de kerkleiding zich hiermee in te dekken tegen kritische vragen over anachronismen of een gebrek aan archeologisch bewijs. “Zie je wel,” zeggen ze, “ze veranderen het verhaal.”
Ik vind het eerlijk gezegd een storm in een glas water. Voor mij is het altijd duidelijk geweest dat de profeet Joseph Smith het Boek van Mormon heeft vertaald door middel van openbaring. De ophef hierover komt volgens mij voort uit een verkeerd begrip van wat het woord ‘vertalen’ in deze context eigenlijk betekent.
Wat betekent ‘vertalen’ echt?
Als we het woord ‘vertalen’ in de academische zin gebruiken, bedoelen we dat iemand jarenlang een taal bestudeert (zoals Latijn of Grieks) en vervolgens met die kennis en een woordenboek aan de slag gaat om een tekst om te zetten. Dat heeft Joseph Smith absoluut niet gedaan. Hij kende geen Egyptisch of Hebreeuws.
Laten we even teruggaan naar de kern. Het woord komt van het Latijnse translatio, wat letterlijk ‘overbrengen’ of ‘overdragen’ betekent (trans = over, ferre/latum = dragen). Je pakt de betekenis op van de ene oever (de brontaal) en draagt die over naar de andere oever (de doeltaal). De lading moet aankomen, niet per se de verpakking.
Als je kijkt naar hoe teksten tot stand komen, zijn er eigenlijk drie manieren om dit te doen:
- Letterlijke vertaling: Je zet woord A om in woord B. Dit levert vaak kromme zinnen op omdat grammatica en uitdrukkingen niet matchen (denk aan het Steenkolenengels: ‘Make that the cat wise’).
- Dynamische equivalentie: Dit doen professionele vertalers. Je vertaalt de gedachte. Als er in het Hebreeuws staat ‘zijn neus werd heet’ (een idioom voor woede), vertaal je dat als ‘hij werd woedend’.
- Openbarende vertaling: Dit is een unieke categorie die van toepassing is op Joseph Smith. Omdat hij de brontaal (Hervormd Egyptisch) niet beheerste en geen woordenboek had, past zijn werk niet in de eerste twee categorieën. In zijn geval betekent ‘vertalen’: het ontvangen van de betekenis door goddelijke inspiratie en die verwoorden in je eigen taal.
Hulpmiddelen of de bron?
“Oké,” hoor ik je denken, “maar hij gebruikte toch hulpmiddelen zoals zienerstenen in een hoed en de Urim en Tummim?”
Dat klopt. Maar mijn vraag is dan: hoe werken die dingen, tenzij door de macht van onze Hemelse Vader? Is het makkelijker te geloven dat God woorden laat verschijnen op een steen, dan dat ze geopenbaard worden in de geest van de profeet? We aanvaarden vandaag de dag dat onze huidige profeet en de apostelen zieners, openbaarders en profeten zijn. Geloven we dat alleen maar als ze over de juiste steen beschikken? Natuurlijk niet. De steen was een hulpmiddel om het geloof te focussen, maar de bron was altijd openbaring.
De context van 1820
Het is ook fascinerend om te zien hoe taal verandert. In de jaren 1820, toen de kerk werd opgericht, had het woord ‘vertalen’ waarschijnlijk een bredere betekenis dan nu. Tegenwoordig denken we bij vertalen direct aan een intellectueel proces met woordenboeken en grammatica. Voor Joseph was het waarschijnlijk meer de figuurlijke definitie: het omzettenvan een geestelijke realiteit (de platen) naar een fysieke realiteit (de Engelse tekst).
Stephen Smoot, een onderzoeker die diep in dit onderwerp is gedoken, legt uit dat deze concepten in de begindagen vaak door elkaar werden gebruikt. “Joseph Smith en andere vroege leden noemden het Boek van Mormon zowel een vertaling als een openbaring,” zegt hij. Die twee termen zijn dus geen tegenstellingen; ze beschrijven hetzelfde wonderbaarlijke proces vanuit een ander perspectief.
Een complex proces
Alles wat we weten wijst op een proces van zeer geconcentreerde openbaring. Dat er hulpmiddelen waren om die ‘storm aan informatie’ te kanaliseren, lijkt me niet meer dan normaal.
Ik heb het al vaker gezegd: als je aanvaardt dat God volmaakt is, en Hij zeer complexe, geestelijke zaken naar ons beperkte menselijke begrip wil overbrengen, dan moet je begrijpen dat dit niet werkt als een eenvoudige 1-op-1 vertaling. Het is een proces dat tijd en ruimte nodig heeft. Dit verklaart ook waarom er in het begin van het Boek van Mormon staat dat als er fouten in staan, dit de “fouten van mensen” zijn. Tegelijkertijd ontdekken academici steeds meer bewijzen dat de teksten een duidelijke Hebreeuwse oorsprong hebben (zoals specifieke zinsconstructies) en dat de taal in het boek evolueert naarmate de tijd in het verhaal vordert.
Conclusie
Kortom, de wijziging in de tekst is geen ‘cover-up’, maar een goede verduidelijking. Het benadrukt dat openbaring de hoofdrol speelde. Degenen die de kerk nu proberen te ‘gaslighten’ met deze verandering, hebben het volgens mij bij het verkeerde eind. Deze nuance geeft juist aan dat God duidelijk de hand heeft in deze Schriftuur. Zonder Zijn hulp – en Zijn openbaring – zouden we verstoken blijven van de waarheden die we nodig hebben om vooruitgang te maken.
Ontdek meer van GeensZins
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.


